|
PORTRETTEN
Karel de Lange (66)
'De mensen in Birma verdienen onze steun'
Vrijwilliger van de Maand Karel de Lange (66) werkt bij het Burma Centrum Nederland en volgt gespannen de recente ontwikkelingen. Zullen de onderdrukte Birmezen eindelijk meer rechten krijgen? Zal de militaire junta de teugels vieren? 'Alles wat ik doe is geïnspireerd door mijn geloof. Ik heb me altijd verzet tegen onrecht.'
Karel de Lange past thuis op zijn kleinzoon - 'vandaag is opadag'- maar probeert toch zoveel mogelijk werk te verzetten. Het zijn hectische tijden voor het Burma Centrum Nederland, nu de Birmese bevolking en monniken massaal in opstand zijn gekomen. De militairen hebben ingegrepen en de eerste doden zijn gevallen. De Lange: 'Het kan nog alle kanten opgaan.'
'Martelingen zijn aan de orde van de dag'
'Het gevaar is natuurlijk dat de junta door op een paar kleinere wensen van de bevolking ingaat, en dat daarmee het protest en de internationale verontwaardiging weer een tijdlang gesust worden. Dat is al eerder gebeurd. Maar het is ook mogelijk dat de stille diplomatie van China, die graag in de westerse smaak wil vallen en door de Olympische Spelen toch al ieders ogen op zich gevestigd heeft, wel degelijk succes oplevert. Openlijk, in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, mengt China zich niet in aangelegenheden van buurlanden. Maar heel subtiel is er wel degelijk sprake van druk. Alles hangt nu af van de pressie van landen als China en Rusland.
De gebeurtenissen van de laatste weken zijn wereldwijd bekend geworden door internet. Zonder beelden die stiekem op het net worden gezet, hadden de media in de rest van de wereld hier nauwelijks iets van geweten. Dat is echt een van de zegeningen van internet.
Maar ik houd mijn hart vast. We hebben hier te maken met een van de meest repressieve dictaturen van de wereld. Martelingen en dwangarbeid zijn aan de orde van de dag in Birma.'
'Van Schillenboer tot Kringloopcentrum'
'Voordat ik bij het Burma Centrum ging werken, in 2003, wist ik niet zoveel over Birma. Dat heb ik allemaal snel bijgeleerd en nu voel ik me zeer betrokken bij dit land en zijn bevolking. Mijn hart gaat nu vooral uit naar de Birmezen in Nederland, van wie ik er meerdere ken.
Ik heb wel een heel leven van verzet tegen onrecht achter de rug. Ik ben begonnen als onderwijzer en daarna leraar natuur- en scheikunde op de middelbare school geworden. In de jaren zestig en zeventig heb ik een paar jaar in ontwikkelingslanden gewerkt, eerst in Kenia, daarna in Botswana. Ik werd uitgezonden door Dienst over Grenzen, een kerkelijke organisatie, en later door een organisatie van Amerikaanse Mennonieten. Tussen die jaren in Afrika door werkte ik weer in het onderwijs en daarna in het culturele werk. Ik heb de Sociale Academie gedaan toen ik al in de veertig was.
Via kerkelijke organisaties kwam ik steeds in allerlei vrijwilligersbanen terecht. In de jaren tachtig heb ik bijvoorbeeld in Baarn het 'Schillenboerproject' opgezet, een voorloper van de latere groene GFT-containers. Via dit project kwamen een aantal werklozen weer aan het werk. Uiteindelijk groeide het Schillenboerproject via een kringloopwinkel, de 'Retoerboer', uit tot een heel netwerk van kringloopcentra. Ik begon als vrijwilliger, later werd dat een tijdelijke betaalde baan.'
'Een kleine organisatie biedt meer uitdagingen'
'Ook het onrecht dat de natuur wordt aangedaan, heeft altijd mijn belangstelling gehad. Van de schillen naar Milieudefensie was een logische stap. Ik heb ooit de afdeling in Baarn opgezet. Later werkte ik op het landelijke kantoor in Amsterdam vrijwillig als administratieve hulp. Dat bevredigde me niet voldoende, ik zocht wat meer zelfstandigheid, en toen ik een briefje op het prikbord zag waarin het Burma Centrum om vrijwilligers vroeg, was de keus snel gemaakt. Het Burma Centrum is een veel kleinere organisatie en dat betekent dat je zo ongeveer aan alles kunt meewerken. Je hebt veel meer uitdagingen. Het Burma Centrum heeft twee betaalde medewerkers, de rest werkt er vrijwillig. Ik ben geen kantoormens, en bij het Burma Centrum werd ik meteen actieleider. Geweldig!'
'Niet meer investeren in Birma'
'Onze voornaamste doelstelling is het steunen van de onderdrukte Birmese bevolking. Nobelprijswinnaar Aung San Suu Kyi, die al achttien jaar in huisarrest moet leven, heeft bedrijven opgeroepen niet langer in Birma te investeren. Alleen dat kan de dictatoriale regering echt onder druk zetten. Daar houden wij als Burma Centrum ons dan ook voornamelijk mee bezig. Ik heb actie gevoerd tegen British American Tobacco, een grote investeerder in Birma, ondermeer met speelse acties op Schiphol en bij het hoofdkantoor van het bedrijf. We voeren ook actie tegen grote houtbedrijven, zoals Worldwood, die op grote schaal teak importeren uit Birma. Daarnaast wordt er op andere niveaus druk gelobbyd bij dergelijke bedrijven en bij overheden.
Een andere taak is het ondersteunen van Birmese vluchtelingen in Nederland, dat zijn er rond de 250. Dat directe contact brengt de onderdrukking heel dichtbij. Ik heb veel contact met iemand wiens zus door het regime is vermoord. Dat kunnen wij ons hier nauwelijks voorstellen.'
'Geloof stimuleert mij om in actie te komen'
'Bij dit werk weet je dat het iets van lange adem is. Af en toe boeken we een klein succesje. Zo zijn er signalen dat Total, de grootste investeerder in Burma, enige beweging begint te vertonen. Total haalt enorme hoeveelheden gas uit Burma, dat via pijpleidngen naar Thailand en India gaat om daar geraffineerd te worden. Maar je moet realistisch zijn: Total zal wel nooit helemaal uit Birma vertrekken. Maar er lijkt een toezegging aan te komen dat ze althans niet verder zullen investeren in Birma.
De protesten van de laatste weken zijn ook voor Burma-kenners nog als een verrassing gekomen. Onbegrijpelijk dat de regering de brandstofprijzen zo waanzinnig heeft verhoogd. Ze zijn blijkbaar elk contact met de arme bevolking kwijt.
Alles wat ik heb gedaan en nog doe, is geïnspireerd door mijn religieus gevoel. Al heeft het vast ook met mijn karakter te maken: ik voeg graag de daad bij het woord. Daar komt nog bij: ik ben een geboren Rotterdammer en het devies van die stad is: sterker door strijd.
Het Christelijk geloof motiveert verzet, dat heb ik in Zuid-Afrika gezien. En nu in Birma zijn het de Boeddhistische monniken die een centrale rol spelen in het verzet. Die zijn opmerkelijk politiek geëngageerd. Religie is absoluut niet verdwenen uit de samenleving, zoals we een tijdlang gedacht hebben. Als het goed is, stimuleert je geloof je om in actie te komen tegen misstanden. Zo is het mij tenminste altijd vergaan.
En nu moet ik weer naar mijn kleinzoon, die breekt de boel af.'
Marjan Smeitink
Ook iets doen om de Birmese bevolking te helpen? Kijk op www.burmacentrum.nl
< Terug naar index
|